Jazzelementen in klassieke muziek begin 20e eeuw

Het waren begin vorige eeuw met name in Frankrijk woonachtige componisten die zich als eersten af en toe lieten inspireren door music hall-muziek, ragtime (met zijn syncopen)en andere dansvormen uit de late 19e eeuw als voorlopers van de jazz. Debussy in een paar van zijn pianowerken, Ravel in zijn tweede vioolsonate, Milhaud in 'La Creation du monde' en Strawinsky onder andere in zijn Ebony Concert. Kennelijk stonden componisten in Frankrijk al heel vroeg, zij het dan sporadisch, meer open voor elementen uit de lichte muziek dan componisten uit Duitsland en Oostenrijk. Ook het algehele cultureel maatschappelijk klimaat in Parijs kan hierin van invloed geweest zijn.

Jazz en Debussy

Als er een muziekstijl is die onmiskenbaar voortgebracht is door de Verenigde Staten dan is dat de jazz, met inleidende uitingsvormen als ragtime en blues. De in zijn tijd zeer vooruitstrevende en vernieuwende componist Claude Debussy kwam hoogstwaarschijnlijk in contact met ragtime toen de Amerikaanse band van John Philip Sousa op tournee in 1900 de Parijse Expositie aandeed. Jazzelementen  verwerkte hij in meerdere pianowerken. De bekendste is Golliwag's Cakewalk (uit Children's Corner suite 1908, op de afbeelding de omslag van de bladmuziekuitgave) waarin hij tevens Wagner's Tristanmotief citeert. Latere pianowerken met een ragtime-inslag zijn onder andere 'Le petit nègre'(1909), 'Minstrels' (1910) en 'General lavine-excentric'. 
Een eerder artikel wijdde ik aan de impulsen, die van Debussy's vernieuwingsdrang en daarmee gepaard gaande nieuwe muzikale ideeën uitgingen. De vergaande akkoordstapelingen, die zijn muzikale handwerk kenmerkten, hebben onmiskenbaar indirect het idioom van de latere Big Band en die van de bebop beïnvloed. En in de legendarische arrangementen van het koppel Miles Davis en Gil Evans is Debussy's compositorisch pionierwerk hoorbaar in de toepassing van modale toonaarden. 

De jazz komt naar Europa

Er zijn denk ik twee gebeurtenissen die ervoor hebben gezorgd dat jazz haar weg heeft weten te vinden naar het brede publiek in Europa: de Eerste wereldoorlog en de uitvinding en doorbraak van de grammofoon in het midden van de jaren 20. Daarnaast heeft ook de verspreiding van bladmuziek voor piano de jazz in de huiskamers gebracht. Voor het aanbrengen van de juiste timing, het swingelement, is het notenschrift ontoereikend. Daarvoor is het luisteren naar een opname of een live optreden onontbeerlijk. In 1875 maakten de Fisk Jubilee Singers een tour door Europa, ze speelden onder andere voor het Nederlandse koningshuis. Europa maakte voor het eerst kennis met Afro-Amerikaanse muziek. In 1917 verschenen de eerste jazz grammofoonplaten. Al gauw doken er in Nederland de eerste 'jazzbands' op, zo noemden ze zich althans.

James Reese Europe

Nadat de Verenigde Staten besloten had zich te mengen in de Europese loopgravenoorlog, bevond zich onder de soldaten die de oversteek maakten ook componist en bandleider James Reese Europe. Begin 1918 arriveerde hij als luitenant van een volledig zwarte gevechtseenheid in Frankrijk. Het veel minder racistische klimaat zorgde er mede voor dat een aantal van de zwarte Amerikaanse soldaten besloten na de beeindiging van de Eerste Wereldoorlog niet terug te keren. In New York had de band van James Reese Europe jaren daarvoor al furore gemaakt met zijn ragtime en dixie. Beelden en muziek van de band 'the Hellfighters' van James Reese Europe in Europa:

Eric Satie

De muzikaal 'dwarse' componist Eric Satie liet zich in Rag-time du Paquebot voor het ballet 'Parade' uit 1916-1917 volledig van zijn op de ragtime gebaseerde syncopische kant zien.

Maurice Ravel

Van de Franse componist Maurice Ravel weten we, dat hij zich aangetrokken voelde tot het exotische, of het nu met eten, muziek, kunst te maken had. Dat de jazz hem fascineerde is daarom geen verrassing. In 1921 schreef hij aan een vriendin: "Ben je naar de negers gaan luisteren ? Hun virtuositeit is af en toe angstaanjagend" Het middendeel van zijn 2e sonate voor viool en piano noemde hij 'Blues'. Daarin verwerkte hij de typische aan de blues onttrokken glissandi en dissonanten.

Igor Stravinsky

De van oorsprong Russische componist Igor Stravinsky stond erom bekend uiteenlopende stijlen te verwerken in zijn  composities. Hij begon in 1918 ragtime-elementen op te nemen in het muziektheaterstuk 'L'histoire du soldat'. Ravels vriend, de Zwitserse dirigent Ernest Ansermet, had twee jaar daarvoor tijdens een bezoek aan de Verenigde Staten bladmuziek van ragtimes meegenomen. Zijn enthousiaste verslag van een concert door jazzklarinettist Sidney Bechet in Londen had Stravinsky gestimuleerd tot het componeren van 'Three Pieces for Clarinet'. In zijn 'Piano-rag-music' horen we hoe de syncopes en het ostinato van de ragtime samenvloeien met Strawinsky's eigen muzikale ideeen. Voor zijn 'Ragtime voor eleven instruments' (1920) gebruikt hij een cymbaal uit de Balkan, die de honky-tonk piano moet vertegenwoordigen. (Zie de afbeelding hiernaast met Picasso's omslagontwerp voor het pianouittreksel) In 1945 componeerde hij het "Ebony concert" voor Woody Herman, daarbij geinspireerd door de Big Band-stijl.

Darius Milhaud

Een andere Franse componist, Darius Milhaud, waagde zelf de oversteek naar de nieuwe wereld. Zijn bezoek aan de New Yorkse wijk Harlem heeft onmiskenbaar zijn weerslag gehad op de muziek die hij schreef voor het jazz-georiënteerde ballet 'La creation du monde uit 1923'.

Luister en kijk hieronder naar een uitvoering door het Chapman Chamber Orchestra.

Een jaar later pas zou een Amerikaans componist voor het eerst een "serieus" jazz georiënteerd muziekstuk schrijven: George Gershwin met "Rhapsodie in blue" voor piano en jazzorkest. Ferde Grofé zette het later om voor piano en groot orkest, in een versie, die we gewoonlijk horen in geluidsopnamen en in de concertzalen.

Duitstalige gebieden

De vroege uitingsvormen van de jazz, zoals de ragtime en de blues waren sterk verbonden met dans. Dat zorgde er mede voor, dat er een sterk verdeeld kamp van voor- en tegenstanders ontstond, zowel bij luisteraars als bij musici en componisten. Hoewel de jazz tijdens de jaren twintig ook in Duitstalige landen zeer populair was, duurde het tot 1927 voordat een componist uit de meer klassieke school ‘swing-elementen' inbouwde in zijn muziek. En dan hebben we het over de Oostenrijkse componist Ernst Krenek met zijn opera 'Johnny spielt auf' en Kurt Weill, de componist van onder andere de Dreigroschenoper uit 1928. De laatste liet zich in de stijl van zijn songs vanaf 1927 vooral inspireren door de dansmuziek van orkest van Paul WhitemanArnold Schönberg en Anton Webern, vooraanstaande componisten uit die tijd, hadden geen goed woord over voor de populair getinte Dreigroschenoper. Alban Berg, die in één lijn wordt genoemd met deze componisten, stond meer open voor het verwerken van jazzelementen in zijn composities. In zijn opera 'Lulu' uit 1935 duiken swingelementen op. Deze opera werd echter pas in 1979 voltooid en uitgevoerd onder leiding van Friederich Cerha.

Naast kritiek vanuit de burgerij op ethische en morele gronden staat die kritiek bij de opkomst van het nationaal socialisme ook in het teken van een bedreiging voor de nationale identiteit.

Jazz in Nederland

De roaring twenties gingen ook niet ongemerkt voorbij aan het Nederlandse publiek. Dat uitte zich onder andere in de vele uitgaansgelegenheden, waar volop gedanst werd op livemuziek van orkesten.  In 1921 begon de Royal Dancing Band in een club te Den Haag op te treden. Dat zouden ze zes jaar volhouden.  Geleidelijk ontstonden meerdere bands die zich over het hele land verspreidden en verschenen ook hier de eerste radio- en grammofoonplaten.

Ook Nederlandse componisten toonden zich niet ongevoelig voor de lichte muze en jazz. Dat horen we onder andere in het pianoconcert van Willem Pijper (uit 1927) het orkestwerk Silhouetten uit 1922 en het pianoconcert van Leo Smit. Naar aanleiding van de uitvoering van Silhouetten schreef de recensent van Het Volk: ‘In de gehele suite maakt de componist gebruik van de eigenaardige klankcombinaties van den negerachtigen jazzband.’ Hij woonde en werkte enige tijd in Parijs en had daar ook veel contact met Franse componisten, met name uit de Groupe des Six, waaronder de hierboven genoemde Darius Milhaud. Vreemd dat hij zich op een ander moment juist geheel negatief uitliet over jazz: "Bandeloos, zonder algemene muziekleer, woest en luid. In de overvolle café’s razen zonder ophouden de Jazzbands. De even dierlijk muzikale als bandelooze negers geven – in den letterlijke zin des woords – den toon aan". De gevestigde burgerij liet zich over het algemeen negatief uit over deze nieuwe muziek, vooral vanuit een oogpunt van ethische verontwaardiging en angst voor moreel verval.

Leo Smit schreef in een neoclassicistische stijl, met een voorliefde voor de toonsoort C-groot. In verschillende werken was de jazz een inspiratiebron: jazz-achtige ritmes en harmonieën getuigen van zijn fascinatie voor deze in die tijd nieuwe muzieksoort, zo lezen we op de aan hem gewijde website.

De componist Daniël Belinfante bood al in 1934 op de muziekschool in het Amsterdamse Watergraafsmeer een 'Jazzklasse' aan.

De componist Dick Kattenburg was vooral in zijn instrumentale composities beinvloed door Franse muziek. De Blues (1940) voor piano quatremains heeft een jazzy feel. Opvallend is ook de Tapdance (1936), voor piano quatre-mains en tapdanser of slagwerk. Ook bij Nederlandse componisten waren de meningen verdeeld over de waarde van jazz. Het lijkt erop dat componisten die vooral keken naar eigentijdse Franse muziek zich ook door lichte muziek lieten inspireren. Dat gold niet voor Matthijs Vermeulen, die vanaf 1921 tot aan het einde van de 2e werelddoorlog in Frankrijk woonde. Hij kwalificeerde jazz als ‘afval, gearrangeerd door halfwassen muzikanten ten behoeve van en ten gerieve van de algemene jool.’

Downloadbare muziekstukken

  • Download gratis de bladmuziek van Ravel's 2e vioolsonate, de partituur voor viool en piano en/of alleen de vioolpartij.
  • Download gratis de bladmuziek van Gershwin's "Rhapsodie in blue" voor 2 piano's en de partituur van 'Parade', waaronder Rag-time du Paquebot.
  • Gratis downloadbare bladmuziek van Igor Stravinsky is nog maar beperkt toegankelijk.
  • Download hier de hoofdstukken van het proefschrift van Kees Wouters: Ongewenschte muziek: De bestrijding van jazz en moderne amusementsmuziek in Duitsland en Nederland, 1920-1945.

Te leen in Bibliotheek Rotterdam

Bladmuziek van Milhaud's "La creation du monde" , bladmuziek van Kurt Weill, Ernst Krenek's Jonny spielt auf : Oper in zwei Teilen : Op. 45, het boek: Muziek, oorlog en vrede muzikaal commentaar op vijf eeuwen oorlog. En veel meer bladmuziek en cd's van genoemde werken en componisten.

Met dank aan componist, schrijver, musicoloog Leo Samama voor het aandragen van voorbeelden van Nederlandse componisten. Hij schreef onder andere een blues (die door een recensent werd aangeprezen als een nieuwe standaard in het genre). Deze cd is te koop via zijn website of te leen bij Bibliotheek Rotterdam.

Klik hier voor een lijst van publicaties van Leo Samama in de collectie van Bibliotheek Rotterdam.

© 2019 - Bibliotheek Rotterdam

Voer uw gebruikersnaam / pasnummer en wachtwoord in.